Luisteraars:
Topluisteraars:
play_arrow
Costa Blanca Radio The Sound Of The Costa
play_arrow
Radio Costa The Sound Of The Costa
play_arrow
FeelGood Radio The Sound Of The Costa
Je denkt erover om te verhuizen naar Spanje, maar welke plek past bij jou? Om die vraag te beantwoorden rijd ik de hele Spaanse kust langs, van de Costa del Sol tot de Costa Brava. Veertien afleveringen, veertien regio’s. Dit is aflevering 7: de Jalón-vallei, van de kust af.
Vanuit Dénia rijd ik ’s ochtends vroeg de vallei in via La Xara. De kust verdwijnt achter me. Het landschap verandert snel: van boulevard en appartementenblokken naar bochtige wegen tussen amandelbomen, olijfgaarden en wijngaarden. Twintig minuten rijden, een andere wereld.
Jalón, of Xaló zoals het officieel heet, kondigt zichzelf aan met parkeeraanwijzingen. De markt is al in volle gang als ik aankom: 200 tot 250 kraampjes langs de rivierbedding van de Gorgos, van antiek en snuisterijen tot lokale producten.
De markt van Jalón is het sociale scharnierpunt van de vallei. Niet voor de buitenwacht bedoeld, maar de buitenwacht is er wel. Nederlanders, Belgen, Britten tussen de locals. Iedereen weet van elkaar dat ze er zijn. Dat is de vallei in het klein.
Even verderop, bij de ingang van het dorp, staat de Mercat de la Terra: wijn van de coöperatie, honing, olijfolie, ambachtelijke kazen. De vallei op een kraam.
Na een halfuur tussen de kraampjes loop ik een café in. Een cortado. Het is nog vroeg, de markt gonst buiten, binnen is het stil.
Dan de ogen. Groot, bruin, een hond die me aanstaart alsof hij al een tijdje op me heeft gewacht. Een ongewone kop. Lang, smal, iets van een herder maar niet de herder die ik ken. En die oren: recht overeind, elk bijna zo groot als de rest van het hoofd. Mijn nieuwsgierigheid valt blijkbaar op bij de vrouw die ernaast zit.
“Pastor Hollandes,” zegt ze, in het Spaans. Ze kijkt of de naam me iets zegt. Een Hollandse Herder dus, en die zie je verder nooit in Spanje. “Ze is een teefje, wil iedereen graag gedag zeggen.”
Muriel woont al vijf jaar in Xaló. Ze is hier terechtgekomen via een vriendin die in de buurt woonde, maar ze bleef omdat ze werk vond: dierenarts-assistente in het dorp. Haar huis ligt zeven kilometer verderop, de bergen in. Elke ochtend als de zon opkomt, staat er een kudde Iberische Steenbokken op haar oprit. Ze zegt het zoals je iets zegt dat gewoon zo is.
Haar huis is driehonderd jaar oud en volledig off-grid. Geen aansluiting op het net. Ze heeft er bewust voor gekozen, zegt ze, maar ze is er ook niet naïef over: dit is een levensstijl die niet voor iedereen is weggelegd. En contact maken met de lokale Spanjaarden, dat vraagt tijd. Zeker als je geen Spaans spreekt.
Ze had er vooraf veel over nagedacht. Had met lokale mensen gepraat voor ze verhuisde. Haar Spaanse huisbaas had haar geholpen. Zo werkt het hier, zegt ze. Je moet iets investeren voor je iets terugkrijgt.
De hond staart me nog steeds aan. Ze heeft besloten dat ik geen bedreiging ben, maar interessant genoeg om in de gaten te houden.
Jalón heeft een blauwe koepelkerk die je vanuit de hele vallei ziet, smalle straatjes, een handvol bars en restaurants. Maar Jalón is ook een dienstendorp voor de omliggende gemeenten: bakker, apotheek, huisarts, supermarkt. Wie in de vallei woont, rijdt naar Jalón voor wat hij nodig heeft.
De omliggende dorpen zijn kleiner en stiller. Parcent ligt hoger in de vallei, amper 1.000 inwoners, omringd door citrusbomen en amandelboomgaarden. Orba is vergelijkbaar: een dorp dat functioneert voor zichzelf, niet voor bezoekers. Alcalalí ligt tussen de twee in, aan de voet van de bergen.
Al deze dorpen hebben één ding gemeen: een aanzienlijk deel van de bevolking is buitenlands. Nederlanders en Belgen die bewust van de kust zijn weggetrokken, of er nooit naartoe zijn gegaan. Mensen die de afstand tot het strand als voordeel zien, niet als nadeel.
Wat je krijgt: rust, ruimte, natuur direct voor de deur. Wandelpaden de bergen in. Uitzichten over de vallei die je niet kunt kopen aan de kust. Lagere vastgoedprijzen dan aan het water. Een gemeenschap die niet draait op toerisme.
Wat je mist: de zee om de hoek. Een breed aanbod winkels en restaurants. Snelle medische zorg dichtbij. De vallei zelf is op de fiets goed te doen, wielrenners weten haar al lang te vinden, maar voor alles buiten de vallei heb je een auto nodig.
Wie hier woont, heeft een keuze gemaakt die niet voor iedereen werkt. Dat is ook niet de bedoeling.
Ik rij ’s middags terug richting de kust. Ik denk nog aan Muriel, die off-grid woont. Het blijft me intrigeren. Binnenkort nog maar eens contact mee opnemen, voor een verhaal over off-grid leven in Spanje. De wijngaarden blijven nog even zichtbaar. Dan de N332, en het noorden.
Vorige aflevering: Calpe, Moraira, Jávea en Dénia, stiller en duurder aan de Costa Blanca Noord.
Volgende aflevering: Valencia, de stad die iedereen kent maar weinigen als woonplek overwegen.
Hoofdafbeelding: illustratief, gegenereerd met AI.
Geschreven door Lucas Martínez
Alcalalí Costa Blanca binnenland emigreren Spanje Orba Parcent wonen Jalón vallei Xaló
Vragen? Wat te klagen? Wil je ons verblijden met een compliment? Of wil je iets kwijt? Schroom niet en stuur je bericht!
Verzoekplaat voor Costa Request? De groeten aan je buurvrouw? Of wil je wat delen met de wereld?
Costa Blanca Radio klinkt altijd leuker met jouw stem! Spreek wat in en wie weet hoor je jezelf snel terug op de radio!
Ps: Laat wel even weten wie je bent. Vinden we leuk.